Poppendinsdag: Ulle doet een vondst

Het was een koude middag in de winter.  Ulle vloog door het sprookjes bos waar hij woonde. Beneden in het bos zag hij de kinderen Konijn spelen. En wat verderop liepen oma Wasbeer met haar kleindochter Wiesje. 

Ulle zag dat het licht begon te sneeuwen, kleine vlokjes sneeuw kwamen beneden terecht in het bos. Hij hoorde een Konijntje roepen: Hoera het sneeuwt! 

Hij vloog een stukje verder het bos in. Ulle was vlakbij het kerstbomen bos. In dit bos kunnen de bosbewoners met Kerstmis een kerstboom uitgraven en in een pot thuis neerzetten. Na de feestdagen brengen ze de boom weer terug naar het bos en planten ze hem in de grond. Zo kunnen ze elke jaar van een mooie boom genieten.

Maar wat zag Ulle daar tussen de bomen? Het was geen kabouter, want die wonen niet hier in het stukje bos. Ulle kon zien dat het niet bewoog, dus het was geen dier of mens.  Mensen komen ook voor in het bos van Ulle, er wonen niet alleen dieren en kabouters. Maar ook prinsen, prinsessen en Roodkapje in het bos.

Ulle was nieuwsgierig naar het ding wat er stond tussen de bomen. Hij keek of hij ergens veilig kon landen. Daar vlakbij het ding, kon hij landen. 

Ulle liep naar het ding toe.  Hij veegde wat sneeuw van het ding af. Nu zag hij dat het een kist was. Wat zou er in de kist zitten?

Hij hoopte op chocolade, hij hield van chocolade! Of zou er koekjes in zitten? Koekjes vind hij ook lekker.  

Ulle bekeek de kist van alle kanten. Waar is het slot waarmee de kist open gaat? Hij had het slot gevonden. Ulle dacht dat zo'n oude kist niet op slot zat, dus hij probeerde de deksel open te trekken. Maar hij kreeg hem niet open. Dan zat er maar een ding op, Ulle moest de kist naar huis duwen!

Hij was een sterke uil, maar niet zo sterk dat hij de kist helemaal naar huis kon duwen.  Zijn boomhuis stond bijna aan de andere kant van het bos.  Ulle ging op de kist zitten en zuchtte diep. Kwam er maar iemand langs die hem kon helpen!

"Hallo meneer de uil" zei een stem tegen Ulle. "Heeft u hulp nodig" vroeg de stem. Ulle keek waar de stem vandaan kwam. Hij zag een jonge prins achter de bomen vandaan komen. Ulle glimlachte en vertelde aan de prins dat hij inderdaad hulp nodig heeft.

De prins droeg de kist in de sneeuw naar het huis van Ulle. Hij bracht de kist zelfs in de huiskamer van Ulle. Daar probeerde hij ook eens om de kist open te krijgen. Maar zelfs de jonge prins lukte het niet. Hij zei dat de kist goed op slot zat.  "Zonder de sleutel krijgt u de kist niet open, meneer de uil "zei de prins nog voordat hij weg ging.

Hazel en Bodile vroegen aan Ulle of hij niet bij de kist een sleutel had zien liggen.

Nee schudde Ulle met zijn uilen kop. Terug gaan kan nu ook niet, want het sneeuwde nu erg hard en het bos werd wit.

Bodile kwam met een paar sleutels de huiskamer binnen. Zij probeerde die op de kist, maar helaas paste deze niet.

Ulle zuchtte diep: Nu zullen we nooit te weten komen wat er in de kist zit!




Reacties

Populaire posts